
Vanavond zet je een smaakvol gerecht op tafel – je roerbakt de kipfilet met bosui, sjalot en knoflook. Doordat je de smaakmakers vrij lang bakt in boter, wordt het geheel zoet en hartig tegelijk. Houd de aangegeven baktijd aan, want anders krijg je een heel andere smaakbeleving.
¼ stuk(s)
Rode peper
3 stuk(s)
Sjalot
3 stuk(s)
Knoflookteen
6 stuk(s)
Bosui
2 cm
Verse gember
½ stuk(s)
Rode paprika
100 gram
Kipfiletreepjes met Chinese vijfkruiden
85 gram
Pandanrijst
2.5 gram
Verse koriander
(Kan bevatten: Selderij)
20 ml
Sojasaus
(Bevat: Gluten, Soja)
1.75 el
Roomboter
(Bevat: Melk (inclusief lactose))
1 el
Bruine suiker
naar smaak
Peper en zout

Verwijder de zaadlijsten van de rode peper en snijd fijn. Snijd de sjalot in fijne halve ringen. Pers de knoflook of snijd fijn. Snijd de bosui in stukken van 3 cm lang. Schil de gember en rasp fijn. Snijd de rode paprika in dunne repen.

Verhit 1/2 el roomboter per persoon in een hapjespan of grote koekenpan op hoog vuur en bak de gekruide kipfiletreepjes in 2 – 3 minuten rondom bruin (ze hoeven nog niet gaar te zijn). Haal uit de pan met een schuimspaan en bewaar apart.

Smelt de overige roomboter op middelmatig vuur in dezelfde hapjespan of grote koekenpan. Voeg de rode peper, de sjalot, de knoflook, de bosui, de gember en de rode paprika toe, breng op smaak met peper en zout en bak in 15 minuten zacht. Schep regelmatig om.

Kook ondertussen 250 ml water per persoon in een pan met deksel en kook de rijst, afgedekt, 12 – 15 minuten. Giet daarna af als dat nodig is en laat zonder deksel uitstomen.

Snijd ondertussen de verse koriander fijn. Voeg de sojasaus en de bruine suiker toe aan een kleine kom en meng goed. Voeg de saus en de kip inclusief bakvet toe aan de hapjespan of grote koekenpan, schep goed om en verhit nog 2 minuten.

Verdeel de kip met roerbakgroenten over de borden en serveer met de rijst. Garneer met de koriander.